Posts tonen met het label wederkomst van Jezus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wederkomst van Jezus. Alle posts tonen

donderdag 24 februari 2011

Het hart van een bruiloftskind

.




















Hoe te leven ?
Hoe zullen wij leven en hoe zullen wij de toekomst tegemoet treden? Dit zijn vragen die zich vandaag de dag, meer dan ooit tevoren, aan ons opdringen nu dreigende wolken zich boven deze wereld samenpakken en de ongerechtigheid groeiende is, alsook de onzekerheid aangaande de dingen die op komst zijn, waardoor steeds meer mensen door vrees worden bevangen. Zelfs in de gelederen van Gods kinderen wordt de verwarring, door allerlei oorzaken, steeds groter en het ene na het andere kind van God komt, bij herhaling, in een geloofscrisis terechtkomt. Wij leven duidelijk in een tijd van kentering. Aan alles bemerken en gevoelen we, dat er dingen gaan veranderen. Maar wàt gaat er gebeuren? En wat zal er met òns gebeuren? Zullen wij STAANDE blijven in het geloof en STANDVASTIG zijn en blijven? Een vraag die als vanzelf uitmondt in die andere vraag: Wat moeten wij doen? Ofwel: Hoe zullen wij, vandaag, leven?

Met verwachting
Een Schriftuurlijk en zuiver antwoord op deze vraag geeft ons de apostel Paulus in Filippenzen 1 vers 20, waar hij getuigt dat in zijn hart leefde: een “...reikhalzend verlangen en hoop dat ik in geen enkel opzicht beschaamd zal worden, maar dat in alle vrijmoedigheid, zoals altijd, Christus ook nu GROOTGEMAAKT ZAL WORDEN in mijn lichaam, of het nu door het leven is of door de dood”. (HSV)
Wij zullen ons eerst eens moeten afvragen wat er leeft in ònze harten. En wat er in ons hart MOET leven, kunnen wij van Paulus leren. Hij toont ons hier wat van waarachtige volgelingen van Jezus Christus verwacht wordt in goede en in kwade tijden.
In goede tijden? Dat hoeft toch niet benadrukt te worden? Jawel, want ook tijden van voorspoed houden een verzoeking in. Menigeen kwam reeds tot verflauwing in zijn of haar geestelijk leven op een rustig stuk van de levensweg. Maar in kwade tijden – vooral als er veel ontmoedigende dingen gebeuren en er, telkens weer, teleurstellingen moeten worden verwerkt – moeten we ervoor oppassen geen “uitgebluste” christenen te worden, want daarvan zijn er al genoeg vandaag de dag! Gelovigen die zich ongeïnteresseerd, als in een tredmolen, voortbewegen, hun hart gevuld met van alles en nog wat, maar niet met de LEVENDMAKENDE dingen van de hemelse Vader.
Houd uw licht brandende op de kandelaar[1] (zodat het zichtbaar IS en BLIJFT voor een ieder)! “Houd de vreugdevlammen brandend!” Hoe? Door te blijven leven met VERWACHTING in uw hart! Christus’ (ware) Gemeente leeft vandaag de dag in de verwachting van de ontmoeting met de hemelse Bruidegom. De “maagden” zijn uitgegaan[2], de Bruidegom TEGEMOET (zie Matth. 25:1). Deze VERWACHTING moet, juist nu, ons gehele geestelijke leven doortrekken, er als het ware een stempel op drukken! Verwacht, dat de Heer wonderbare dingen zal doen. Hij is een Waarmaker van Zijn Woord! Verwacht in elke duistere nacht het gloren van de dageraad! Verwacht en hoop oprecht, net als Paulus, dat u “in geen enkel opzicht beschaamd zal worden” (zie Filip. 1:20, HSV). Eén van de kenmerken van een kind van God is, dat hij of zij leeft met hoop: (zie Ef. 2:12-14 en 1 Petr. 3:15).
Sta niet toe, dat satan u deze schat ontneemt. Al ziet u als “in raadselen”, “wij weten dat voor hen die God liefhebben, alle dingen meewerken TEN GOEDE”![3] (zie 1 Kor. 13:12 en Rom. 8:28)

Onszelf wegcijferen
Om zo te kunnen leven, moeten wij echter wel leren om onszelf geheel weg te cijferen en het belang van de zaak van Christus vóór alles te stellen. Ook dit komt naar voren in Paulus’ zojuist aangehaalde woorden. Voor Paulus betekende “in geen enkel opzicht beschaamd te worden” (zie Filip. 1:20), dat Christus groot gemaakt werd IN en DOOR zijn leven!
Paulus wilde daarvoor in tweeërlei zin sterven! In dit verband is het nuttig om u erop te wijzen, dat op “de gelijkenis van de tien maagden” in het Mattheüs-Evangelie “de gelijkenis van de talenten” volgt (zie Matth. 25:1-13 en 14-30). Dit is zeker niet toevallig. Want, na de verwachting komt het zichzelf wegcijferen ter sprake. Immers, daarover gaat het feitelijk in “de gelijkenis van de talenten”. De man die het ene talent, dat hij ontvangen had, in de grond stopte, gaf daarmee te kennen beslist niet meer van zijn leven dan nodig was, aan zijn heer te willen toewijden. Hij wilde voor zichzelf leven en beschouwde het dienen als een noodzakelijk “kwaad”. Deze “onnutte dienstknecht” kwam daarom terecht in “de buitenste duisternis” (zie Matth. 25:30), een verwijzing naar de Grote Verdrukking. Hij verwachtte de wederkomst van zijn heer, doch zonder zijn leven in dienst te stellen van zijn heer. En, zo is het vandaag de dag – helaas – ook met vele kinderen Gods gesteld. Als zij zich niet veranderen, ondergaan zij hetzelfde lot als de “dwaze maagden[4] en de “onnutte dienstknecht” (zie Matth. 25:10-13 en 30).
U mag en kunt leven met verwachting, maar er is geen (waarachtige) verwachting, als u uw leven niet wilt verliezen aan Jezus, uw Heer. Handel (en wandel) daarom met de u gegeven talenten voor Jezus en u zult in geen zaak beschaamd worden.
Onze zorg moet eigenlijk niet langer zijn: “Hoe zal ik de toekomst tegemoet gaan?”, maar... “Hoe zal ik de Here tegemoet gaan?” Of, zoals de profeet Micha het zei, “Waarmee zal ik de HERE tegemoetgaan en mij buigen voor de hoge God?” (Micha 6:6a, HSV).
Wanneer u zich over deze (heilige) kwestie bekommert en niet over zoveel andere, minder belangrijke zaken in uw leven, zal de Heilige Geest u brengen tot een overvloedig VRUCHTBAAR LEVEN voor Jezus en uw leven stellen in het teken van de Gouden Kandelaar[5] (in de Filippenzenbrief treedt namelijk de gedachte van de Gouden Kandelaar op de voorgrond [6]). Uw lamp zal dan waarlijk brandende zijn als Jezus, als Bruidegom, komt.[7]
Zo en niet anders heeft ook een Paulus het mogen ervaren. De apostel Paulus was reeds in zijn dagen een echt “bruiloftskind”. In zijn nu meermalen aangehaalde getuigenis in de Filippenzenbrief (1:20) horen wij hem zelfs zeggen, dat hij van God “VRIJMOEDIGHEID” begeerde om zijn Heer maar zo goed mogelijk te kunnen DIENEN. Van alle vormen van vrees wilde hij verlost zijn, niet voor zichzelf, zoals zovele christenen dat vandaag de dag wensen, neen, maar opdat hij overvloediger mocht zijn in de dienst des Heren!
Leeft dit verlangen ook in ùw hart? Dat is “de LIEFDE sterk als de dood”, dat is “de HARTSTOCHT onstuitbaar als het graf. Haar vonken zijn vurige vonken, vlammen van de HERE” (zie Hoogl. 8:6, HSV). Dat is het ware (en juiste) verlangen van de Bruid van de Here Jezus Christus![8]

Wij hebben de toekomst
Wanneer wij nù, in deze tijd, dezelfde dingen van God BEGEREN, met geloof en in volkomenheid (want ook dit spreekt uit Paulus’ getuigenis), zullen wij vandaag niet alleen de toekomst aan kunnen, maar ook de toekomst bezitten! Want alles gaat zich, in het tijdsgewricht waarin wij leven, richten op DE OPENBARING van de WARE BRUID des Heren.
U bent het licht van de wereld. Een stad die boven op een berg ligt, kan niet verborgen zijn” (Matth. 5:14, HSV), sprak Jezus eenmaal tot Zijn discipelen.
Als wij bovenstaande ter harte nemen dan zullen ook wij tot deze Gemeente mogen behoren, die straks door Christus naar de bruiloft zal worden geleid (zie Matth. 25:10, HSV).
Hebt u het hart van een bruiloftskind? Dan zult u niet beschaamd worden! Want, bruiloftskinderen wacht “de vreugde van hun Heer” (zie Matth. 25:21 en 23, HSV).


H. Siliakus[9]




[1] Voor meer over de geestelijke betekenis van de kandelaar, zie eventueel – op onze website www.eindtijdbode.nl/ – de studie “De Tabernakel van Israël (Gods profetisch model van de geestelijke ontwikkelingen van een waarachtig kind van God tot in alle volmaaktheid toe)” van E. van den Worm en/of ons Tabernakelschema, met een korte uitleg over de verschillende Tabernakel-objecten: www.eindtijdbode.nl/korte-tabernakeluitleg-in-schema.htm
[2] Zie eventueel op onze website de studie “De 5 wijze en de 5 dwaze maagden en hun eigen lotsbestemmingen in de eindtijd” van E. van den Worm of “Een ANDER geluid – Het verschil tussen ‘het Lichaam van Christus’ en ‘de Bruid van Christus” van A. Klein/E. van den Worm.
[3] Zie eventueel op onze website de studie “Wat God bereid heeft voor degenen, die Hem liefhebben” van E. van den Worm.
[4] Zie noot 2.
[5] Korte uitleg: De Gouden Kandelaar spreekt van licht (en dus inzicht) van de Heilige Geest door ons heen, en van licht (en dus inzicht) van de Heilige Geest voor ons. Hier hebben wij te maken met het getuigenis van de Heilige Geest door ons heen! Een ‘getuigenis’, dat onherroepelijk consequenties met zich mee brengt! De Kandelaar staat dus voor onze aangording met kracht van de Geest van God: Nodig voor onze arbeidszalving in Christus (zonder deze Goddelijke zalving kunnen wij niet – naar Zijn wil en welbehagen – voor Hem arbeiden). Zie ook nog noot 1.
[6] Zie noot 5.
[7] Zie eventueel op onze website het artikel “De Wederkomst van Christus nader bekeken” van A. Klein. Zie ook nog de studie vermeld bij noot 2.
[8] Zie eventueel op onze website de studie “Beschouwingen over het boek Hooglied (het boek over de innige band tussen Bruid en Bruidegom)” van H. Siliakus.
[9] Uit "De Tempelbode" van augustus 1986. Enigszins bewerkt door A. Klein.

Het hart van een bruiloftskind
(PDF om uit te printen)


woensdag 23 februari 2011

Boekbespreking 27: De 7 fasen van de Wederkomst van onze Here Jezus Christus


Een Bijbelstudie van Bijbelleraar E. van den Worm,
[1]
uitgegeven door uitgeverij “De Eindtijdbode”.

Fase 1:
De toebereidingen van Zijn wederkomst.
Mal. 3:1a
“Ziet, Ik zend Mijn engel (of bode, uitbeelding van alle geroepen en hiertoe gezalfde dienstknechten van onze Here Jezus Christus), die voor Mijn aangezicht de weg bereiden zal.”
Deze toebereiding van Zijn wederkomst gebeurt in en door de Heilige Geest met Zijn hiertoe geroepen en gezalfde menselijke “spreekbuizen” als Zijn instrumenten.

De 1ste toebereiding:
De roep van de Geest TER MIDDERNACHT (d.i. gedurende geestelijke, sociale en militaire middernachtelijke omstandigheden, d.w.z. in zeer duistere, moeilijke tijden).
Matth. 25:6-13 “En ter middernacht geschiedde een geroep: Ziet, de bruidegom komt, gaat uit hem tegemoet! Toen stonden al die maagden op, en bereidden haar lampen. En de dwazen zeiden tot de wijzen: Geeft ons van uw olie; want onze lampen gaan uit. Doch de wijzen antwoordden, zeggende: Geenszins, opdat er misschien voor ons en voor u niet genoeg zij; maar gaat liever tot de verkopers, en koopt voor uzelf. Als zij nu heengingen om te kopen, kwam de bruidegom; en die gereed waren, gingen met hem in tot de bruiloft, en de deur werd gesloten. Daarna kwamen ook de andere maagden, zeggende: Heer, heer, doe ons open! En hij, antwoordende, zei: Voorwaar zeg ik u: Ik ken u niet. Zo waakt dan; want gij weet de dag niet, noch de ure, in welke de Zoon des mensen komen zal.”
Ef. 5:14-20 “Daarom zegt Hij: Ontwaakt, gij, die (geestelijk gezien) slaapt, en staat op uit de (geestelijke) dood; en Christus zal over u lichten. Zie er dan op toe, dat gij voorzichtig wandelt, niet als onwijzen, maar als wijzen. De tijd uitkopende, omdat de dagen boos zijn. Daarom weest niet onverstandig, maar verstaat, welke de wil van de Here zij. En wordt niet dronken in wijn, waarin overdaad is, maar wordt vervuld met de Geest; sprekende onder elkaar met psalmen, en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende en psalmende de Here in uw hart; dankende te allen tijd, over alle dingen, God en de Vader, in de Naam van onze Here Jezus Christus.”
Hierdoor geschiedt een algemeen geestelijk ontwaken van de hele Gemeente/Kerk.

De 2e toebereiding:
De roep van de Geest tot deelname aan HET AVONDMAAL VAN DE BRUILOFT van het Lam van God.
Openb. 19:9 “En hij zei tot mij: Schrijf, zalig zijn zij, die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft van het Lam. En hij zei tot mij: Deze zijn de waarachtige woorden Gods.”
Aan hen, die hier deel aan willen nemen, zal de Geest de volmaakte verlossing te weeg brengen van alle zondemacht, die hen “zonder vlek of rimpel” zal maken door hun vrijwillige en gelovige deelname aan de volmaakte wassing (reiniging) in het gestorte Bloed van Gods Lam, door gedurig Zijn vlees en Zijn bloed geestelijk te eten en te drinken (zie fase 2).
Luk. 9:23-24 "En Hij zei tot allen: Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf, en neme zijn kruis dagelijks op en volge Mij. Want zo wie zijn leven behouden wil, die zal het verliezen, maar zo wie zijn leven verliezen zal om Mijnentwil, die zal het behouden."
2 Kor. 4:10-11 Altijd de doding van de Here Jezus in het lichaam omdragende, opdat ook het (opstandings)leven van Jezus in ons lichaam zou geopenbaard worden. Want wij, die leven, worden altijd in de dood overgegeven om Jezus' wil;
opdat ook het (opstandings)leven van Jezus IN ONS STERFELIJK VLEES (dus: reeds HIER OP AARDE) zou geopenbaard worden.”

Fase 2:
Zijn plotselinge komst als de Engel van het (bloed)verbond.
Mal. 3:1b “En plotseling zal (in en door de Heilige Geest) tot Zijn tempel (d.i. tot Zijn geestelijke “vaten” - die wij behoren te zijn) komen die Here, Die gij zoekt, te weten de Engel van het (Bloed)verbond aan Dewelke gij lust hebt (nl. de Here Jezus Christus, onzichtbaar, in en door de Heilige Geest); ziet, Hij komt, zegt de HERE der heirscharen.”
De werkelijke totale loutering/reiniging van Zijn Bruid in het Vuur van de Geest op grond van haar geloof in het gestorte Bloed van Gods Lam,
waardoor zij vlekkeloos en rimpelloos, onberispelijk rein, wordt gemaakt.
Ef. 5:26-27 "Opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende door het bad met het (reinigende) water door het Woord; opdat Hij haar Zichzelf heerlijk zou voorstellen, een Gemeente, die geen vlek of rimpel heeft, of iets dergelijks, maar dat zij zou heilig zijn en onberispelijk."

Tot zover de “Boekbespreking”. Als u deze studie wilt lezen, KLIK HIER.

A. Klein

[1] Als u iets meer wilt weten over deze Bijbelleraar, zie dan het artikel op ons Weblog van 23-10-2009. KLIK HIER

dinsdag 8 februari 2011

De eindtijdbode – nieuw(s)lichter

Kijk ook eens op onze nieuwe site "De eindtijdbode – nieuw(s)lichter" met een aantal vaste rubrieken, zoals:

  • Tekenen van de Eindtijd
  • Voor u gelezen
  • Goed Nieuws-berichten
Te bereiken via http://eindtijdbode.wordpress.com/

Het woord “nieuw(s)lichter” heeft vele woorden en dus allerlei betekenissen in zich:
• NIEUW: Het is een NIEUWE site, naast onze al bestaande sites:
1. website http://www.eindtijdbode.nl/
2. weblog http://www.eindtijdbode.blogspot.com/
3. website (Engelstalig) http://www.endtime-messenger.com/
4. Blog (Engelstalig) http://www.endtime-messenger.blogspot.com/
• NIEUWS: Er staan in ieder geval regelmatig 3 soorten NIEUWS op:
1. de zgn. “Goed Nieuws-berichten” en
2. nieuws over “Christenvervolging
3. nieuws over allerlei gebeurtenissen in de wereld die – vermoedelijk – met “Tekenen van de Eindtijd” te maken hebben.
• LICHT: Kan – in Bijbels verband – gezien worden als “(geestelijk) LICHT en/of inzicht” hebben/krijgen in bepaalde zaken.
• LICHTER: Deze nieuwe site is duidelijk LICHTER van aard dan onze website en ons weblog, waarop vooral diepgaande Bijbelstudies staan.
• NIEUWLICHTER: Volgens het woordenboek is dit: Een aanhanger van nieuwe opvattingen of denkbeelden. Je zou ook kunnen zeggen: Een aanhanger met (bepaalde) opvattingen of denkbeelden over Bijbelse zaken die – door sommigen – als nieuw (of: anders) worden ervaren/gezien.
• NIEUWSLICHTER: Iemand die allerlei nieuws leest en sommige artikelen – die passen bij de doelstelling – eruit licht om ze vervolgens op de eigen site te plaatsen (eigen uitleg).

Hopelijk is uw nieuwsgierigheid – in de goede betekenis van het woord – gewekt en besluit u gauw eens een kijkje te gaan nemen op deze nieuwe site.

A. Klein

maandag 24 januari 2011

Moeten wij op ‘de tekenen der tijden’ letten ?

,

















De tekenen verstaan
Uit hetgeen onze Heer eens sprak tot de geveinsden (d.i. de huichelachtige gelovigen) uit Zijn tijd – waarover wij kunnen lezen in Mattheüs 16:3 en Lukas 12:56 (HSV): “De aanblik van de lucht weet u wel te onderscheiden, en kunt u de tekenen van de tijden niet onderscheiden?” en “Huichelaars, de aanblik van de aarde en van de hemel weet u te duiden. Hoe kan het dan dat u deze tijd niet weet te duiden?” – kunnen wij opmaken dat het (door welke oorzaak dan ook) niet zo vanzelfsprekend is, dat men “de tekenen van de tijd” (de zgn. “voetstappen” die de wederkomst van de Here Jezus aankondigen) verstáát. Tot degenen die deze tekenen niet (in geestelijke zin) verstáán, kunnen wij niet zomaar zeggen: “Let op de tekenen van de tijd”. Waarmee ik bedoel te zeggen, dat er IETS is, dat kennelijk belangrijker is dan het “alleen maar” letten op die tekenen, omdat er zonder dat IETS van (goed) “letten op” niet eens sprake kan zijn.

De afval van het geloof
Gods Woord leert ons zo duidelijk, dat de laatste dagen van de huidige tijdsbedeling zich door gewisse, en met het oog waarneembare, “tekenen der tijden” zullen onderscheiden. Er zullen aardbevingen zijn, hongersnoden, besmettelijke ziekten, oproeren en oorlogen, om maar de meest voor de hand liggende te noemen (zie o.a. Matth. 24:3-14). Wij zouden kunnen zeggen, dat gelóóf eigenlijk niet meer nodig is als wij deze dingen rondom ons zien gebeuren. Het geloof is immers “een bewijs van de zaken die men NIET ziet” (zie Hebr. 11:1). Wanneer het Woord van God op zulk een wijze in vervulling gaat, en voor een ieder waarneembaar is, zou men verwachten dat velen zich (alsnog) tot God bekeren. Het tegendeel zal echter gebeuren.
“Zal de Zoon des mensen, als Hij komt, (nog) wel het (ware) geloof op de aarde vinden?”, zo sprak Jezus (Luk. 18:8, HSV). In diezelfde tijd, wanneer het strikt genomen niet meer nodig is te gelóven dat er een God in de hemel is, omdat de bewijzen daarvan gezìen worden, juist in die tijd zal de àfval van het geloof groter zijn dan ooit tevoren. Ja, het is uitgerekend ook één van de tekenen van de eindtijd, dat “de liefde van velen (vooral ook tot God en Zijn gebod) zal verkoelen” (zie Matth. 24:12). Wij vragen ons af, hoe deze twee dingen met elkaar te rijmen zijn?

Als een dief
Om een antwoord op deze vraag te ontvangen, gaan wij eerst naar 1 Thessalonicenzen 5:1-3, waar wij lezen, dat “de Dag des Heren"[1] komt “als een dief in de nacht”:
“Maar wat de tijden en de gelegenheden betreft, broeders
(en zusters), is het voor u niet nodig dat men u schrijft. Want u weet zelf heel goed dat de dag van de Here (SV: de dag des Heren) komt als een dief in de nacht. Want wanneer zij zullen zeggen: Er is vrede en veiligheid, dan zal een onverwacht verderf hun overkomen, zoals de barensweeën een zwangere vrouw, en zij zullen het beslist niet ontvluchten.” (1 Thess. 5:1-3, HSV)
Is dit in tegenspraak met Bijbelpassages die duidelijk maken dat “de Dag des Heren” door gewisse tekenen wordt aangekondigd? Nee, zo zullen wij verderop zien, en dit vermoeden wij nu al, omdat wij in vers 4 van hetzelfde hoofdstuk kunnen lezen dat er ook gelovigen zullen zijn, die DIE “Dag” niet “als een dief zal overvallen”:
“Maar u, broeders (en zusters, waarmee de zgn. “wijze maagden” bedoeld worden – zie noot[2]), bent niet in duisternis, zodat die dag u als een dief zou overvallen.” (1 Thess. 5:4, HSV)
Vervolgens gaan wij naar Mattheüs 24:42-44, waar in ongeveer gelijke bewoordingen over de dag van Jezus’ wederkomst[3] wordt gesproken:
“Wees dan waakzaam, want u weet niet op welk moment uw Here (weder)komen zal. Maar weet dit, dat als de heer des huizes geweten had in welke nachtwake de dief komen zou, hij waakzaam geweest zou zijn, en niet in zijn huis zou hebben laten inbreken. Weest ook u daarom BEREID, want op een uur waarop u het niet zou denken, zal de Zoon des mensen (weder)komen.” (Matth. 24:42-44, HSV)
Waar wij op moeten letten is, dat ook hier wordt gezegd, dat ondanks het onverwachte van de wederkomst (“als een dief”) het toch mogelijk zal zijn “bereid” te zijn! Let op, het “bereid” zijn (zie Matth. 24:44) is de staat waarin men verkeert als men wéét wanneer de dief komt (zie Matth. 24:43)!
Nu zal het doorgaans niet voorkomen dat men over de komst van een dief wordt ingelicht. Maar de bedoeling van deze woorden is, duidelijk te maken, dat de (weder)komst van de Here Jezus WEL wordt aangekondigd.

De tekenen en het Woord
De wederkomst van de Here Jezus[4] wordt dus wel aangekondigd. Hoe? Door de “tekenen”? Neen, IN HET WOORD VAN GOD! “Tekenen der tijden”, die verband houden met Jezus wederkomst, hebben slechts waarde omdat zij IN HET WOORD VAN GOD beschreven worden[5]. En deze tekenen kondigen Zijn wederkomst pas aan, wanneer het aangekondigde – dus Zijn komst – te gebeuren staat. DE “TEKENEN DER TIJDEN” ZIJN ALS HET KRAKEN VAN DE VOETSTAPPEN VAN DE DIEF. Als men niet wakker is, maar – geestelijk gezien – slaapt, hoort men ze niet. Alleen wie van te voren over de komst van deze “dief” is ingelicht (door HET Woord, d.i. Gods Woord, de Bijbel!) en dus wáákt, zal het gekraak (“de tekenen”) vernemen.

Geen gemeenschap met het Woord hebben
Wat nu is het grote verzuim van de gelovigen van deze tijd? Zij lezen de Bijbel niet (goed)! Wij hebben het dan uiteraard over “lezen” in de zin van “zich iets toeëigenen”, er – in geestelijke zin – van “eten”. Daarom is er nu al zo’n grote geloofsafval en zo’n massaal navolgen van dwaalleraars (“velen worden verleid”). De “eenzijdige predikaties” die wij overal, in de vele gemeenten/kerken kunnen signaleren, zijn het bewijs van de werkzaamheid van de “geest van dwaling”. En valse (Bijbel)leraars worden massaal nagevolgd, omdat de meeste gelovigen zelf (d.i. persoonlijk) GEEN GEMEENSCHAP MET HET – LEVENDMAKENDE – WOORD VAN GOD hebben.
Zeggen, bijvoorbeeld, aardbevingen zulke gelovigen dan niets? Aardbevingen, en al het andere dat als “tekenen der tijden” gegeven wordt, zeggen ons niet werkelijk iets, als wij niet dichtbij het Woord van God leven! Hoe dikwijls maken wij niet mee dat men gaat relativeren wanneer er, bijvoorbeeld, op het (steeds vaker) voorkomen van aardbevingen gewezen wordt: “die zijn er altijd al geweest” is dan het veel gehoorde antwoord. Dat doet men niet, omdat men niet op de hoogte is met de statistische gegevens aangaande aardbevingen en andere natuurrampen, maar omdat men ONgeestelijk is (omdat men geen GEMEENSCHAP met het – LEVENDMAKENDE – Woord van God heeft)!

KLIK HIER als u deze studie – die te lang is voor op het weblog – verder wilt lezen.

H. Siliakus[6]






[1] Zie eventueel – op onze website http://www.eindtijdbode.nl/ – de studie “De Dag van JaHWeH (of: De Dag des Heren)” van E. van den Worm.
[2] Zie eventueel op onze website de studie “
De 5 wijze en de 5 dwaze maagden en hun eigen lotsbestemmingen in de eindtijd” van E. van den Worm.
[3] Zie eventueel op onze website het artikel “
De Wederkomst van Christus nader bekeken” van A. Klein.
[4] Zie noot 3.
[5] Zie eventueel het schema op onze website, met het eindtijdscenario:
http://www.eindtijdbode.nl/eindtijdscenario.htm
[6] Uit “De Tempelbode” van januari 1981. Enigszins bewerkt door AK.


vrijdag 24 december 2010

Een toegerust volk

.

















Eerste en tweede komst
Vergelijken wij het Bijbels verslag van Christus’ eerste komst naar deze wereld met wat diezelfde Bijbel ons vertelt over Zijn wederkomst, dan zien wij duidelijke verschillen en tegenstellingen, maar ook treffende overeenkomsten en parallellen. Het grootste verschil zal hierin bestaan, dat Christus bij Zijn wederkomst niet langer de verachte en lijdende Knecht des Heren zal zijn, maar geopenbaard zal worden als de Koning der koningen en de Here der heren. Hij zal komen in grote kracht en heerlijkheid en niet slechts enkelen, zoals bij Zijn eerste komst, maar ALLEN zullen voor Hem buigen, ook degenen die hem “doorstoken” en verworpen hebben. Hij kwam om het “genadejaar van de Heer” in te luiden (zie Jes. 61:2a, NBV), de zgn. ‘tijdsbedeling der genade’[1]. Hij komt straks terug om ook dat andere dat in Jesaja 61, vers 2b, genoemd wordt nog te doen, namelijk om uit te roepen “de dag van de wraak van onze God” (HSV), “wanneer Hij met vlammend vuur wraak oefent over hen die God niet kennen, en over hen die het Evangelie van onze Here Jezus Christus NIET GEHOORZAAM zijn” (2 Thess. 1:8, HSV). Maar bij alle verschil tussen deze twee komsten van de Here, zullen er toch ook overeenkomsten zijn. Hij kwam bij Zijn eerste komst voor “het Zijne”, Hij zal straks ook wederkomen voor “het Zijne”, waarmee dan echter niet langer de afstammelingen van Abraham “naar het vlees” bedoeld worden, maar de GEESTELIJKE kinderen van Abraham, de WARE gelovigen.
Toen Jezus als mensenzoon geboren werd in een stal te Bethlehem, was dat – geestelijk gesproken – in een zeer donkere tijd. Als Hij wederkomt zal echter de donkerste nacht die er ooit geweest zal zijn, over de wereld zijn gedaald. Nog een andere parallel tekent zich af, als wij letten op het onverwachte, waardoor beide komsten worden gekenmerkt. Dit is een zeer belangrijk punt van overeenkomst, waar wij nu dieper op in willen gaan. Blijken zal, dat wij dan tot een belangrijke waarheid aangaande de tijd van het einde komen.

De voorloper
Om deze waarheid te “zien”, moeten wij allereerst onze aandacht vestigen op het gebeuren rondom de eerste komst van Jezus Christus. Met Zijn komst bedoelen wij dan niet alleen Zijn geboorte, maar alles wat te maken had met Zijn “openbaring aan Israël”. Een zeer opmerkelijk gegeven is, dat, voordat Jezus Zijn 3½ -jarige bediening hier op aarde begon, er eerst een andere profeet optrad, met de naam: Johannes de Doper. Misschien vragen wij ons af welke bedoeling God hiermee heeft gehad. Nu, het lijkt voor de hand te liggen, want hij moest immers de “voorloper” van de Messias zijn, de “wegbereider”, de heraut die voor de Koning uitging! Dat is zeker. Maar WAAROM moest er eerst zo’n voorloper komen? Wij denken toch niet dat God daartoe alleen maar besloot, omdat dit te doen gebruikelijk was in die dagen?! God trekt Zich, als regel, niets aan van gebruiken en gewoonten van mensen.
De komst van Johannes de Doper is echter een onderdeel van de komst van Jezus Christus dat beslist een nadere bestudering behoeft! Het was niet zomaar “voor de vorm”, dat er een voorloper voor Jezus uitging om Zijn komst aan te kondigen. Als wij de werkelijke reden voor de zending van Johannes de Doper willen weten, dan moeten wij kennisnemen van wat Gods boodschapper, de engel Gabriël, hierover heeft gezegd. En deze (Goddelijke) Boodschap vinden wij opgetekend in Lukas 1 vers 13-17 (HSV):
“Maar de engel zei tegen hem: Wees niet bevreesd, Zacharias, want uw gebed is verhoord en uw vrouw Elizabet zal u een zoon baren en u zult hem de naam Johannes geven. En er zal blijdschap en vreugde voor u zijn en velen zullen zich over zijn geboorte verblijden, want hij zal groot zijn voor de Here. Geen wijn en geen sterkedrank zal hij drinken en hij zal al van de moederschoot af met de Heilige Geest vervuld worden, en hij zal velen van de Israëlieten bekeren tot de Here, hun God. En hij zal voor Hem uitgaan in de geest en de kracht van Elia, om het hart van de vaderen te bekeren tot de kinderen en de ongehoorzamen tot de bedachtzaamheid van de rechtvaardigen, om voor de Here een toegerust volk gereed te maken.”
Met name het 17de vers is nu voor ons van belang. Daar zegt Gabriël over Johannes: “En hij zal voor Hem (d.i. de Here Jezus) uitgaan... om voor de Here een TOEGERUST volk gereed te maken”. Hier wordt het eigenlijke doel van Johannes’ komst en bediening ontsluierd. Het was nodig dat Johannes eerst kwam, opdat onze Heer een “toegerust” ofwel een gereedgemaakt volk zou vinden als Hij kwam. Toch, ondanks dat men weet van Johannes’ prediking aan de oever van de Jordaan, wordt maar zelden bij dit eigenlijke doel van zijn komst stilgestaan.

Was de tijd rijp ?
Toen Jezus, de Messias, werd geboren, waren er maar weinigen die Hem verwachtten. De Bijbel noemt slechts bij name de oude Simeon en Anna, die door Goddelijke openbaring wisten, dat het kind Jezus de beloofde Messias was. En alhoewel er ook nog anderen zijn geweest “die de verlossing verwachtten” (zie Luk. 2:38), was hun aantal gering, want van opschudding over het bericht van de geboorte van de Messias is geen sprake. Dat was wel het geval toen later de “wijzen uit het oosten” kwamen (zie Matth. 2:1-3), maar dat kwam omdat het een publiek gebeuren was. Kenmerkend is echter dat er bij de priesters en Schriftgeleerden geen spoor van enthousiasme te bespeuren is, als zij van de wijzen vernemen, dat de Messias geboren moet zijn. En, zoals de leidslieden zijn, zo is het volk!
Satan had het goed voor elkaar, zo leek het althans, want toen Jezus kwam was er geen plaats voor Hem in de wereld. Weliswaar was de tijd (d.i. Gods tijd) rijp voor Zijn komst, want… Jezus kwam in “de volheid van de tijd” (zie Gal. 4:4, HSV). God Zelf had ervoor gezorgd dat de mensheid in geestelijke ontwikkeling zover was en dat de toestand in de wereld zo geordend was, dat die wereld “rijp” was om de Messias en Zijn boodschap te ontvangen; Hij had daarvoor het Griekse denken en de Romeinse staatkundige bekwaamheid gebruikt. Maar er was grote geestelijke duisternis. De machthebber van deze wereld, satan, had de wereld en ook het Joodse volk zó in zijn greep, dat het erop leek dat van Gods plan met de wereld niets meer terecht kon komen. De “door-elkaar-werper”, de satan (in het Grieks: diabolos), had van deze wereld één grote geestelijke woestenij gemaakt, een wildernis! Dit is echter niets vreemds, want het is bekend, dat waar God werkt, daar is ook altijd de satan bezig. Uit Genesis 1 vers 2 leren wij echter al, dat als er door toedoen van de duivel een grote chaos ontstaan is, dat dan Gods Geest gaat werken. Dit is één van de patronen die wij in het Goddelijk Raadsplan der Eeuwen telkens weer tegenkomen.

KLIK HIER als u deze studie – die te lang is voor op het weblog – verder wilt lezen.

H. Siliakus[2]


[1] De ‘tijdsbedeling der genade’ = Het tijdperk van de Gemeente en van de Heilige Geest (van in totaal 2000 jaar), dat begon NA Christus’ (1ste) komst.
[2] Uit: “De Tempelbode” van december 1984. Enigszins bewerkt door AK.



donderdag 23 december 2010

Boekbespreking 23: Er komt spoedig een Goddelijke Bruiloft hier op aarde


Een Bijbelstudie van Bijbelleraar E. van den Worm,[1]
uitgegeven door uitgeverij “De Eindtijdbode”.


Zijn Wederkomst IN en DOOR Zijn Geest is op handen
Het doel van deze Wederkomst is Zijn vereniging met het gereinigde deel van Zijn Gemeente:
Er komt spoedig een BRUILOFT (de éénwording) van het Lam met het GEREINIGDE deel van Zijn Gemeente HIER OP AARDE!!! Het is GEEN bruiloft in de hemel in deze laatste dagen en ook GEEN opname in de hemel vóór (aanvang van) de Grote Verdrukking. Wij zullen zien, dat dit ONSCHRIFTUURLIJK is, al wordt dit door het merendeel van de gelovige christenen verwacht. Wel komt er een WEGNAME van de Bruid/Bruidsgemeente, nadat ze door de Geest des Heren is gebruikt als een instrument:
1. tot herstel van de Gemeente
2. tot de algemene, laatste wereldwijde opwekking.
Wij gaan dit Schriftuurlijk bewijzen.

De uitgieting van de Heilige Geest op de 1ste Pinksterdag
“En als de dag van het Pinksterfeest vervuld werd, waren zij allen eendrachtelijk bijeen. En er geschiedde plotseling uit de hemel een geluid, gelijk als van een geweldige, gedreven wind, en vervulde het gehele huis, waar zij zaten. En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een ieder van hen. En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest, en begonnen te spreken met andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken.” (Hand. 2:1-4)
Wij staan in deze laatste dagen dus vlak voor, ja in een fenomenale (d.i. een verbazingwekkende en waarneembare), Goddelijke ingreep, een Goddelijk SCHUDDEN tot HERSTEL van de GEMEENTE. Het is een LAATSTE (op)roep, eerst gericht tot de Gemeente en wat later tot deze WERELD, om te komen tot WAARACHTIGE BEKERING, tot (volledige) overgave aan God, weg van satan en alle zonden, waaraan men zich heden ten dage massaal overgeeft, een zondestaat, waarin men met sneltreinvaart voortholt naar de UITERSTE ONGERECHTIGHEID toe (zie Ezechiël 21:25), naar een DIEP MOREEL VERVAL.
“Want zo zegt de HERE der heirscharen: Nog eens, een korte tijd zal het zijn; en Ik zal de hemelen, en de aarde, en de zee, en het droge doen beven. Ja, Ik zal al de heidenen doen beven, en zij zullen komen tot de Wens aller heidenen, en Ik zal dit huis met heerlijkheid vervullen, zegt de HERE der heirscharen. Mijn is het zilver, en Mijn is het goud, spreekt de HERE der heirscharen. De heerlijkheid van dit laatste huis zal groter worden, dan van het eerste, zegt de HERE der heirscharen; en in deze plaats zal Ik vrede geven, spreekt de HERE der heirscharen.” (Hag. 2:7-10)
Met “hemelen” wordt hier bedoeld het koninkrijk der hemelen op aarde, namelijk de Gemeente/Kerk en met “aarde, zee en droge” de wereld.
God gaat met Zijn oordelen, die over Gemeente/Kerk en wereld komen de mensheid wakker SCHUDDEN. Dan zal men door het LICHT van Woord en Heilige Geest de Goddelijke tuchtiging aannemen en zich bekeren.
Wanneer Uw gerichten (of oordelen) op aarde zijn, zo leren de inwoners van de wereld gerechtigheid.” (Jes. 26:9b)
Wie hieraan geen gehoor geeft, werpt Hij in deze EINDTIJD in de VERNIETIGING en zoals het Boek Openbaring ons leert worden deze OORDELEN van God hoe langer hoe strenger, heviger, en volgen ze sneller na elkaar op, zoals de BARENSWEEËN van een zwangere vrouw.
“En net zoals het geschied is in de dagen van Noach, zo zal het ook zijn in de dagen (van de wederkomst) van de Zoon des mensen. Zij aten, zij dronken, zij namen ten huwelijk, zij werden ten huwelijk gegeven, tot de dag, op welke Noach in de ark ging, en de zondvloed kwam, en verdierf ze allen. Op dezelfde wijze ook, zoals het geschiedde in de dagen van Lot; zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden; Maar op de dag, op welke Lot van Sódom uitging, regende het vuur en zwavel van de hemel, en verdierf ze allen. Net zo zal het zijn in de dag, op welke de Zoon des mensen geopenbaard zal worden.” (Luk. 17:26-30)
De Bijbelse beschrijving van de wereld van de EINDTIJD is een algemene vernietiging van de mensheid, net zoals dat geschiedde in de dagen van Noach en van Lot.
“En de HERE zag, dat de boosheid van de mensen menigvuldig was op de aarde, en dat al de overleggingen (d.i. de gedachten) van hun hart te allen dage slechts boos was. Toen berouwde het de HERE, dat Hij de mens op de aarde gemaakt had, en het smartte Hem aan Zijn hart. En de HERE zei: Ik zal de mens, die Ik geschapen heb, verdelgen van de aardbodem, van de mens tot het vee, tot het kruipend gedierte, en tot het gevogelte des hemels toe; want het berouwt Mij, dat Ik hen gemaakt heb. Maar Noach vond genade in de ogen van de HERE.” (Gen. 6:5-8)
Maar voordat God de aarde werkelijk slaat met Zijn oordelen, verzegelt Hij eerst Zijn 144.000 heiligen van de eindtijd aan hun voorhoofden. Deze zijn de “voortreffelijksten” onder Zijn dienstknechten van de eindtijd (zie Openbaring 14:4), die Hij zal gebruiken om Zijn volk wakker te schudden door middel van hun scherpe predikingen in de kracht van de almachtige God.

Tot zover de “Boekbespreking”. Als u deze studie wilt lezen, KLIK HIER.

A. Klein

[1] Als u iets meer wilt weten over deze Bijbelleraar, zie dan het artikel op ons Weblog van 23-10-2009. KLIK HIER


dinsdag 23 november 2010

Boekbespreking 21: De oorlog van Gog en Magog (volgens Ezech. 38 en 39)


Een Bijbelstudie van Bijbelleraar C.J.H. Theys,[1]
uitgegeven door uitgeverij “De Eindtijdbode”.

Inleidend woord
Jezus zal spoedig (weder)komen! De tekenen der tijden spreken een duidelijke taal, zij bedriegen ons niet. Als wij om ons heen zien, dan bemerken wij zelfs onder de christenen een grote mate van ongerustheid. Deze onrust is ook te bespeuren in vele “Pinksterlevens”. Wat dit ons zegt? Het is het teken van een wankel geloofsleven, een niet-geworteld-zijn in Christus, een op zandgrond gebouwd geloof in plaats van een geloof, gegrondvest op de Rotssteen. Laten wij dit voor God toch maar eerlijk bekennen, broeders en zusters. Laten wij de Here bidden: “Here, help ons, want wij gevoelen ons – als wij om ons heen zien – als die discipelen in die stormachtige nacht, en wij zullen gewis en zeker zonder U vergaan!” Ons zal, overeenkomstig Gods Woord, geschieden naar de mate van ons geloof (zie Matth. 9:29), laten wij ons daarom haasten om – in de Naam des Heren – alle twijfel terzijde te stellen en alle angst van ons af te werpen.
De wederkomst van onze Here Jezus Christus wordt voorafgegaan door en gaat gepaard met geweldige catastrofen, die deze wereld zullen treffen. Lees Matthéüs 24 en wordt overtuigd! Grote dingen, die geen mensenhand kan tegenhouden, zijn aanstaande en wij worden door de Geest (van God) Zelf gewaarschuwd aangaande al deze dingen. Wij kunnen al deze waarschuwingen lezen, herlezen, overdenken en wij kunnen er onze eigen opinie over hebben… Dit alles is mogelijk; maar laten wij toch niet alleen dit doen, laat ons ook in het oog houden wat zich afspeelt op het wereldtoneel van onze dagen en dit laatste toetsen aan het eerste. Dan zullen wij, als wij eerlijk zijn, moeten erkennen, dat “Gods Woord nimmer voorbij gaat”. Gods Woord is (als) een lamp en die lamp schijnt in de duisternis en als wij acht geven op dit immerschijnend licht behoeven wij heus niet bevreesd en angstig te zijn. Wij kunnen dan rusten in Hem, Die zegt: “Ik ben de Weg, en de Waarheid en het Leven” (Joh. 14:6).

Broeders en zusters, vele malen tevoren heb ik u al verzekerd dat Jezus’ (weder)komst niet veraf meer is en ik blijf erbij. Vele malen heb ik u te kennen gegeven dat een derde wereldoorlog dicht op handen is en… ik blijf erbij. Wij hebben het profetisch Woord, zegt de apostel en hij zegt dan, dat dit profetisch Woord zéér vast is en dat wij er goed aan doen, als wij er acht op slaan; als (op) een lamp, schijnende op een duistere plaats (zie 2 Petr. 1:19). Het is dit profetisch Woord van onze God, dat ons vertelt van een toekomstige oorlog, die gewis en zeker zal komen, alle goede wensen en schietgebeden ten spijt!!
Om al het hetgeen dat hierover geschreven is goed te verstaan, is het nuttig om eerst tezamen iets van de lotsbestemming van de volkeren in de Bijbel na te speuren. In het licht van de laatste dagen (d.i. de eindtijd) dienen wij vooral goed te weten, waar precies in Gods Bijbel wij iets over Rusland, en de plaats van Rusland in de eindtijd, kunnen vinden. In dit opzicht verdient het aanbeveling om, willen wij vertrouwd raken met de boodschap van een “profetisch boek” (en de Bijbel is zo’n profetisch Boek!), altijd allereerst vertrouwd te raken met de historische gebeurtenissen ten tijde van de betrokken profeet. In dit verband wordt aangeraden de inhoud van 2 Koningen 23 vers 30 en van 2 Koningen 25 vers 21 nauwlettend te bestuderen.

De profetie van de stervende Jakob
Allereerst moet ik u vertellen dat de algemene lering, als zouden de stammen van Israël (al de 12 stammen wel te verstaan) teruggevonden worden in het Jodendom dat wij vandaag-de-dag kennen en waarvan een zéér groot deel thans dat jonge land Palestina bevolkt, verkeerd is. Bij het naspeuren van verschillende, in dit verband passende Bijbelwaarheden zullen wij tot dit inzicht geraken. Want… de Bijbel leert ons duidelijk iets anders. Juda is namelijk maar één van de in totaal 12 stammen en als wij dit weten te onderscheiden in het profetisch Woord, dan zullen wij inzien, dat een andere interpretatie door God niet wordt getolereerd. In ieder geval hebben wij géén rekening te houden met menselijke concepties en zienswijzen hieromtrent, maar dienen wij ons te allen tijde te verlaten op het nimmerfalend Woord van de levende God.
De Joden, die wij als Joden kennen in deze tegenwoordige tijd, komen voort uit de stam Juda, maar ook Benjamin (wat letterlijk betekent: de Kleine) wordt hiertoe gerekend. Wij weten echter dat Jakob – die later, door God, “Israël” werd genoemd – 12 zonen had. Toen Jakob oud geworden was profeteerde hij en in die profetie gaf hij – onder de zalving van Gods Geest – iedere zoon bepaalde karakteristieken te kennen (lees Genesis 49 vers 1-28) die, ook in het nageslacht van iedere zoon, zouden uitkomen. Langs de profetische lijnen zouden deze zonen zich als (vele) volkeren ontwikkelen. Het is aan de hand hiervan dat wij dit tot “volkeren” uitgegroeide nageslacht van Israël kunnen terugvinden (zie noot 3).
Over de 12 zonen van Jakob (die later, van God, de naam Israël kreeg – zie Gen. 32:28), waarvan Ruben de oudste was, lezen wij in Genesis 35 vers 23-26.

Tot zover de “Boekbespreking”. Als u deze studie wilt lezen, KLIK HIER.

A. Klein

[1] Als u iets meer wilt weten over deze Bijbelleraar, zie dan het artikel op ons Weblog van 23-8-2009, KLIK HIER Zie vooral ook het “In memoriam”.

dinsdag 24 augustus 2010

Het paslood-oordeel

.









Een tijd van beslissing
De Schrift openbaart ons, dat in de laatste dagen van de huidige (tijds)bedeling[1] niet alleen allerlei ontwikkelingen in het laatste stadium zullen komen, maar ook, dat dit laatste stadium voor de mens het beslissende stadium wordt. De ongerechtigheid en de zedeloosheid zullen niet alleen tot een triest hoogtepunt komen, het zal er zelfs op uitlopen dat de gewetens van de mensen toegeschroeid worden (zie 1 Tim. 4:2). En zo’n dichtgebrand geweten maakt een mens onbereikbaar voor de boodschap van redding en verlossing door Jezus Christus. Het beslissende karakter van de laatste dagen van het tijdperk van Genade[2] komt vooral hierin tot uiting, dat het een tijd van scheiding zal zijn. Wij hebben dan niet op het oog scheidingen die door mensen worden bewerkt, maar een scheiding waarin God de hand heeft[3]. Op grond van een heel eenvoudige en duidelijke beoordelingsmaatstaf zal God scheiding aanbrengen. Deze maatstaf is even eenvoudig en begrijpelijk voor iedereen als de maatstaf die God in de dagen van Noach aanlegde. God maakte toen scheiding tussen “mensen IN de ark” en “mensen BUITEN de ark”. Wie aan de toorn van God wilde ontkomen, moest eenvoudig “IN de ark” zijn (beeld van het zijn: IN de schuilplaats van de Allerhoogste, zie Psalm 91). God gaat straks met een vergelijkbare maatstaf opnieuw “meten”. Voor allen van wie hun werken dan niet “vol” worden gevonden voor God, zal Christus (weder)komst – Zijn 1ste, ONzichtbare wederkomst, als Bruidegom[4] – dan zijn als de verschijning van “een dief in de nacht”.
Want u weet zelf heel goed dat de dag van de Here komt als een dief in de nacht (d.i. onverwachts) (1 Thess. 5:2, HSV). “Wees dan waakzaam (SV: Waakt dan), want u weet niet op welk moment uw Here (weder)komen zal” (Matth. 24:42, HSV).
Vergelijk ook nog Openbaring 3:2-3.[5]
.
De drie visioenen van Amos
Eén van de Schriftgedeelten waarin over dit beslissend handelen van God wordt gesproken is Amos 7 vers 7-9, “Het visioen van het paslood”:
• “Dit heeft Hij mij laten zien, en zie, de Here stond op een loodrechte muur met een paslood in Zijn hand. Toen zei de HERE tegen mij: Wat ziet u, Amos? Ik zei: Een paslood. Daarop zei de Here: Zie, Ik ga een paslood plaatsen in het midden van Mijn volk Israël. Ik zal het niet langer voorbijgaan (d.i. niet langer genade hebben). Verwoest zullen worden de offerhoogten van Izak, de heiligdommen van Israël zullen worden verwoest, en tegen het huis van Jerobeam zal Ik opstaan met het zwaard.” (HSV)
Laat niemand zeggen, dat de profetieën van Amos al in de Oudtestamentische tijd zijn vervuld en dat zijn geschrift dus alleen maar “historische waarde” zou hebben. Er is ten aanzien van het Oudtestamentische Israël (zeker) sprake van een “vóórvervulling”, maar de “eindtijdvervulling” moet nog komen!
Voordat Amos dit “visioen van het paslood” kreeg, ontving hij eerst twee andere visioenen. Er blijkt een lijn van het eerste visioen naar het derde te lopen. Driemaal blijkt God voornemens te zijn geweest om gericht te houden, om over te gaan tot straffen. Maar tot tweemaal toe weet Amos God te bewegen Zijn voornemen niet uit te voeren. Hier wordt de kracht van de voorbede en de kracht van het gebed van de RECHTVAARDIGE gedemonstreerd! Zoals Abraham op de bres stond voor Sódom en Gomorra, en zoals een Mozes en een Daniël gepleit hebben voor Israël, opdat God dat volk genadig mocht zijn, zo horen wij ook Amos – tot tweemaal toe – bidden: “Here HERE, vergeef toch! Hoe zou Jakob staande kunnen blijven? Hij is immers klein! (zie Amos 7:2 en 5, HSV).
.
Misvattingen
Daar zijn met betrekking tot deze drie visioenen van Amos twee misvattingen mogelijk.
De eerste misvatting is deze:
“De voorspellingen van de eerste twee visioenen zullen nooit uitkomen.” Maar, niets is minder waar! Wij vergissen ons zeer als wij denken dat, door de voorbede van Amos, de gerichten van de eerste twee visioenen definitief van de baan zouden zijn. Weliswaar werden deze oordelen in de Oudtestamentische tijd aan het toenmalige Israël niet voltrokken, maar voor de huidige Israëlvolkeren[7] èn voor de huidige heidenvolkeren staan de zaken er nu anders voor.
In Openbaring 9:1-12 lezen wij dat de “sprinkhanenplaag” (Amos’ eerste visioen – zie Amos 7:1-3) tòch komt. Wanneer de satan uit de hemel is geworpen en hij de “put van de afgrond” zal hebben geopend, zal een legioen aan demonische machten en geweldgeesten “sprinkhanen” genaamd – de goddeloze mensheid vijf maanden pijnigen. En ook de “vuurplaag” (Amos’ tweede visioen – zie Amos 7:4-6) zal komen. In het volgende gedeelte van Openbaring 9 (vers 13-21) vernemen wij hoe het derde deel van de dan levende mensheid – door vuur, rook en zwavel – in een wereldwijde oorlog, wordt gedood. Hoe betekenisvol is het dat deze oorlog ontbrandt, nadat daartoe vanuit het Gouden Reukaltaar in de hemel bevel gegeven is (zie Openb.9:13). Dat wil zeggen dat de gebeden en voorbiddingen van de heiligen (ook die van Amos) niet langer de hellemachten zullen kunnen beteugelen. Al lijkt het dat God – op Amos’ voorbede – ervan afzag om te straffen met sprinkhanen en met vuur, toch is het niet zo. Wij kunnen stellen dat God ervan afzag in het tijdperk waarin Amos leefde, voor het oude Israël. Maar voor het laatste der dagen moeten wij wat wij lezen in Amos 7 vers 1-9 zó verstaan – en dat leert de Schriftsamenhang ons ook – dat éérst het “pasloodvisioen” vervuld zal worden (en wel: vóór de Grote Verdrukking), maar daarna zullen ook de twee andere visioenen in vervulling gaan (namelijk: aan het begin van de Grote Verdrukking).
.
Christus gaat “meten”
De tweede misvatting die kan rijzen, is:
“Het ‘paslood-oordeel’ is geen echte straf.” Het lijkt een tamelijk vredig tafereel: de Here, staande op een muur, met een paslood in Zijn hand. Maar het “pasloodvisioen” is wel degelijk een óórdeels-visioen. Het paslood-oordeel is wel degelijk een straf. Wanneer wij werkelijk weten wat Gods genade is, zal deze misvatting trouwens niet in ons op (kunnen) komen. GODS GENADE IS NOOIT EEN “DOOR DE VINGERS ZIEN” (van het volharden in zonde en ongerechtigheid – noot AK)! Dit moet men goed onthouden!

KLIK HIER als u deze studie – die te lang is voor op het weblog – verder wilt lezen.

H. Siliakus[8]


[1] De huidige (tijds)bedeling = De periode die de verhouding tussen God en mens NA Christus’ (1ste) komst aangeeft.
[2] Het tijdperk van Genade = Het tijdperk van de Gemeente en van de Heilige Geest (van in totaal 2000 jaar).
[3] Zie eventueel – op onze website www.eindtijdbode.nl – de studie “Drie grote toekomstige scheidingen”, van H. Siliakus.
[4] Zie eventueel op onze website de studies “De Wederkomst van Christus nader bekeken” van A. Klein en/of “Er komt spoedig een Goddelijke Bruiloft hier op aarde”, van E. van den Worm.
[5] Wees waakzaam (SV: wakende) en versterk het overige dat dreigt te sterven, want Ik heb uw werken niet vol bevonden voor God. Bedenk dan hoe u het (ware geloof) hebt ontvangen en gehoord, en houd het vast (d.i. het Woord gehoorzamen, ernaar handelen) en bekeer u. Als u dan niet waakzaam bent, zal Ik bij u komen als een dief en u zult beslist niet weten op welk uur Ik bij u zal komen.” (Openb. 3:2-3, HSV)
[6] Aartsvader Jakob kreeg, na zijn worsteling bij Pniël (zie Gen. 32:24-32), van God zelf de naam Israël. En de zonen van Jakob worden al spoedig de zonen van Israël genoemd (zie Gen. 46:8, Exod. 1:1-5) Onder Jakob kunnen we dus verstaan: De 12 stammen van Israël, genoemd naar de 12 zonen van Jakob. Zie ook nog noot 7.

[7] Veel christenen denken bij Israël en/of Israëlieten aan de Joden en bij de Joden aan Israël en/of Israëlieten. Nu is dat op zich niet verkeerd, maar Israël bestaat – nog steeds – uit 12 stammen, ook al zijn er 10 stammen die men ‘verloren stammen’ noemt. {Vanwege de lengte van deze noot: lees s.v.p. verder op de PDF}.
De 144.000 komen straks toch echt uit alle 12 stammen en dus kunnen die 10 andere stammen niet verloren zijn (hooguit – nog – onbekend bij de mensen, maar niet bij God).
• Zie eventueel – op onze website www.eindtijdbode.nl – het artikel "ANDER nieuws over ISRAËL – De zoektocht naar de Israëlische identiteit van ALLE 12 stammen” (dus ook van ‘de 10 verloren gewaande stammen’) van A. Klein.
[8] Uit “De Tempelbode”van december 1981. Enigszins bewerkt door A. Klein.

vrijdag 23 juli 2010

Boekbespreking 13: De dag van JaHWeH (De dag des Heren)


Een Bijbelstudie van Bijbelleraar E. van den Worm,[1]
uitgegeven door uitgeverij “De Eindtijdbode”.

Een inleidend woord
Wij vormen "het geslacht van de laatste dagen", dat leeft temidden van grote geestelijke krachten, die zich in deze laatste fase van de "einden der eeuwen" vormen en ontwikkelen. En het is zo dat wij, door het leven temidden hiervan èn door de genadige werkingen van de Heilige Geest – aangaande de profetische uitspraken, die deze sluitingstijd van Gods genade en bemoeienis met het zondige mensengeslacht betreffen – steeds meer licht (en dus inzicht) ontvangen. Wij gaan alles aangaande de eindtijd dan, door de praktijk van het leven en door de tijd waarin wij leven, als begenadigde kinderen Gods beter zien en begrijpen.
En hoe dichter wij het absolute einde van Gods genadetijd naderen, hoe volmaakter onze visie, door het licht (en dus inzicht) van de Heilige Geest, op dit alles wordt.
Laten wij ons daarom volkomen doen leiden door de geschreven profetieën uit de Schrift, zonder dat wij een bevooroordeeld hart hebben; zonder enig vooroordeel als gevolg van een overtuiging, gevormd door de gevestigde mening van MENSEN, hoe “wijs” deze in onze ogen ook mogen lijken, om zo, onder de voortreffelijke leiding van de Heilige Geest èn met een biddend, open hart, te komen achter de werkelijke waarheden van de, reeds vele eeuwen terug, geprofeteerde ontwikkelingen en krachten, waar wij in de laatste dagen mee te maken krijgen, namelijk met alles wat betrekking heeft op de slottaferelen (d.i. de eind[tijd]-gebeurtenissen) van Gods strijdende Gemeente/Kerk op aarde en haar vijanden van het laatste uur.
Deze korte handleiding over de eschatologische ontwikkelingen (d.i. de ontwikkelingen over het einde van de wereld en het laatste oordeel), in het licht, zoals WIJ die in de oprechte benadering van de Schriften zien, wil hiertoe een bijdrage vormen om te komen tot een volledig inzicht en verklaring van Gods profetisch Woord met betrekking tot deze laatste dagen. De Here zal Zijn Gemeente(leden), hen die een biddend, dankend en wijs hart hebben, hier zeker toe leiden.

Wat verstaat de Schrift onder “de Dag van de Heer”?
Zef. 1:14-18 is reeds eerder geciteerd (zie de complete studie!).
De Schrift verstaat hieronder dus de tijd van Gods oordelen, die in de eindtijd over de zondige Gemeente/Kerk en wereld komen. De Schrift kent 3 soorten – in sterkte steeds toenemende – Goddelijke oordelen:

1. Zegel-oordelen, waardoor 1/4 van de mensheid van ruim 6 miljard mensen (dus ± 1½ miljard) sterft.
Deze oordelen dienen om voornamelijk de ingeslapen, in zonde vervallen Christenheid tot berouwvolle bekering te brengen.
Openb. 6:8b, “En hun werd macht gegeven om te doden tot het vierde deel van de aarde (d.i. 1,5 miljard mensen), met zwaard, en met honger, en met de (gewelddadige) dood, en door de wilde beesten van deze aarde."
1 Petr. 4:17, "Want het is de tijd, dat het oordeel begint bij het huis van God (d.i. de Gemeente/Kerk); en indien het (oordeel) eerst bij ons begint, wat zal het einde zijn van degenen, die het Evangelie van God ongehoorzaam zijn?"

2. Bazuin-oordelen, waardoor 1/3 van de dan nog, na de zegel-oordelen, overgebleven mensheid van ca. 4½ miljard (dus weer ± 1½ miljard) sterft. Deze oordelen dienen om de zondige wereld – de wereldsgezinde mensen, dus ook de wereldsgezinde christenen – aan te dringen tot bekering.
Openb. 9:18, “Door deze drie (plagen) werd het derde deel van de mensen gedood, namelijk door het vuur, en door de rook, en door het sulfer (d.i. zwavel), dat uit hun monden uitging.”

3. Fiool- of schaaloordelen, waardoor de hele dan nog bestaande, antichristelijke mensheid wordt gedood.
Matth. 24:38-39, “Want gelijk zij waren in de dagen voor de zondvloed, etende en drinkende, trouwende en ten huwelijk uitgevende, tot de dag toe, in welke Noach in de ark ging; en bekenden het (oordeel over de zonde) niet, totdat de zondvloed kwam, en hen allen wegnam; alzo zal ook zijn de toekomst (d.i. de Wederkomst) van de Zoon des mensen.”
Openb. 19:15, “En uit Zijn mond ging een scherp zwaard, opdat Hij daarmee de heidenen slaan zou. En Hij zal hen hoeden met een ijzeren roede; en Hij treedt de wijnpersbak met de wijn van de toorn en de gramschap van de almachtige God.”
De apostel Johannes werd – door de Heilige Geest – in de geest in deze eindtijd gebracht.
Openb. 1:10a, “En ik (d.i. Johannes) was in de geest op de dag des Heren.”
In deze studie worden slechts de zegel-oordelen behandeld.

Tot zover de “Boekbespreking”. Als u deze studie wilt lezen,
KLIK HIER.

A. Klein

[1] Als u iets meer wilt weten over deze Bijbelleraar, zie dan het artikel op ons Weblog van 23-10-2009.
KLIK HIER

vrijdag 9 juli 2010

Boekbespreking 12: Een ANDER geluid - Is de visie aangaande de zgn. OPNAME wel juist ?


Een artikel van A. Klein,
uitgegeven door uitgeverij “De Eindtijdbode”.

Voorwoord:
Het valt mij zwaar om aan onderstaande studie te beginnen, vanwege de wetenschap dat de inhoud voor velen een brug te ver zal zijn. Als christenen eenmaal een visie op een bepaald onderwerp hebben, is het heel moeilijk om ze ervan te overtuigen dat het – op grond van de Bijbel – niet klopt. (Hoewel het op zich natuurlijk goed is om standvastig te zijn, om niet – zoals staat in Efeze 4 vers 14 – bij elke “wind van leer” heen en weer geslingerd te worden, ofwel van mening of visie te veranderen.)
Als je er, zoals ik, van overtuigd bent dat een bepaalde visie – op grond van de Bijbel – niet klopt, moet je er dan “voor de lieve vrede” over zwijgen, of moet je proberen het (zo duidelijk mogelijk) uit te leggen in de hoop dat mensen er biddend over na zullen gaan denken?
Ik ga voor de 2de optie en hoop zo duidelijk mogelijk uit te leggen hoe ik – en met mij vele anderen – één en ander zien, al is het moeilijk om te bepalen wat voor een ander duidelijk is. En, al wordt het nog zo duidelijk mogelijk uiteengezet, voor iemand die willens en wetens weigert het biddend te lezen en/of te bestuderen zal het nooit duidelijk worden. Toch wil ik een poging wagen, in de hoop dat de Here, zowel u, alsook mij, wijsheid zal geven
door inzicht en leiding van Zijn Heilige Geest.

HET Bijbelvers dat de “OPNAME” zou bewijzen
Voor velen is 1 Thessalonicensen 4 vers 15-17 het vers, het bewijs zo u wilt, voor een OPNAME. En met OPNAME wordt dan bedoeld:
1. Een opname in de hemel
2. voordat de Grote Verdrukking op aarde plaats zal vinden.
Voor alle duidelijkheid vermelden wij hieronder het Bijbelvers (in de Statenvertaling):
“Want dat zeggen wij u door het Woord van de Here, dat WIJ, die levend overblijven zullen tot de toekomst van de Here, niet zullen voorkomen degenen, die ontslapen zijn. Want de Here Zelf zal met een geroep, met de stem van de archangel (d.i. een aartsengel), en met DE BAZUIN GODS nederdalen van de hemel; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan; daarna WIJ, die levend overgebleven zijn, zullen tesamen met hen (dat zijn: de uit de dood opgestane rechtvaardigen) opgenomen worden in de wolken, DE HERE TEGEMOET, in de lucht; en zo zullen wij altijd met de Here wezen.” (1 Thess. 4:15-17)

Als 1ste punt van discussie wil ik opmerken dat het m.i. onmogelijk is om, aan de hand van bovenstaand Bijbelvers, te zeggen dat het hier om een gebeuren VOOR de Grote Verdrukking gaat.
Er zijn meer Bijbelteksten die over hetzelfde gebeuren lijken te gaan en die m.i. pleiten voor een gebeuren NA de Grote Verdrukking. Om te beginnen vermelden wij Matthéüs 24 vers 29-31:
“En terstond NA de verdrukking (de Grote Verdrukking, zie noot[1]) van die dagen, zal de zon verduisterd worden, en de maan zal haar schijnsel niet geven, en de sterren zullen van de hemel vallen, en de krachten der hemelen zullen bewogen worden. En dan zal in de hemel verschijnen het teken van de Zoon des mensen; en dan zullen al de geslachten van de aarde wenen, en zullen de Zoon des mensen zien (dus is dit de zichtbare Wederkomst), komende op de wolken van de hemel, met grote kracht en heerlijkheid. En Hij zal Zijn engelen uitzenden met EEN BAZUIN VAN GROOT GELUID, en zij zullen Zijn uitverkorenen bijeenvergaderen (de ‘levend overgeblevenen’ en de ‘uit de dood opgestane rechtvaardigen’ uit 1 Thess. 4:15-17) uit de vier winden, van het ene uiterste der hemelen tot het andere uiterste derzelve”.
Er zitten diverse overeenkomsten in de tekst van 1 Thessalonicensen 4:15-17 en Matthéüs 24:29-31, maar ook een groot verschil: in Matthéüs 24:29 staat duidelijk vermeld dat het gebeuren plaats zal vinden NA de (Grote) Verdrukking. Ook 1 Korinthe 15 vers 51-52 is een Bijbeltekst die over hetzelfde gebeuren lijkt te gaan en die m.i. pleit voor een gebeuren NA de Grote Verdrukking.
“Ziet, ik zeg u een verborgenheid: WIJ zullen wel niet allen ontslapen, maar WIJ zullen allen veranderd worden; in een punt des tijds, in een ogenblik, met DE LAATSTE BAZUIN; want de bazuin zal slaan, en de doden zullen onverderfelijk opgewekt worden, en WIJ (degenen die levend overgebleven zijn uit, en dus NA afloop van, de Grote Verdrukking – zie 1 Thess. 4:15-17 en Matth. 24:29-31) zullen veranderd worden”. (1 Kor. 15:51-52)
Ook zou ik nog in willen gaan op de bazuin uit 1 Korinthe 15 vers 51-52. Er staat duidelijk:
de LAATSTE bazuin!
Met de bazuin, die in de diverse teksten hierboven vermeld wordt, wordt m.i. één en dezelfde gebeurtenis bedoeld, namelijk de 7de en dus laatste bazuin van Openbaring 11:15.

Tot zover de “Boekbespreking”. Als u deze studie wilt lezen,
KLIK HIER.

A. Klein

[1] “Want dan zal grote verdrukking wezen, hoedanige (verdrukking) niet is geweest van het begin der wereld tot nu toe, en ook niet zijn zal” (Matth. 24:21).

zaterdag 24 april 2010

De ‘Spade Regen opwekking’

.
Onderstaand artikel is hoofdstuk 6 uit het boek: “Dingen die haast geschieden moeten” (een systematische verklaring van het boek Openbaring), van br. H. Siliakus.
Noot: Deze studie staat nog niet op onze website.














Inleiding:
Wij willen eerst de vraag beantwoorden WAAR in het boek Openbaring over de tijd van de ‘Spade Regen opwekking’[1] gesproken wordt. Wij zullen deze vraag ZO beantwoorden, dat inzicht wordt verkregen in de wijze waarop deze opwekking zich zal ontwikkelen (of, preciezer: hoe deze opwekking zich zal ontwikkelen volgens het boek Openbaring).

Ondanks misleiding/verleiding, vervolging, verdeeldheid en verwereldlijking, zal er in de laatste dagen toch een Gemeente ontstaan, die trouw is aan Christus, die jaagt naar de heiligmaking en de vrede onder elkaar en die groeit in de genade en kennis van Christus: de Gemeente van Filadelfia[2] (hetgeen betekent: “broederliefde”). De Spade Regentijd begint als aan deze Gemeente de belofte van Openbaring 3 vers 8 vervuld wordt: Jezus geeft haar “een geopende deur”. Paulus kende deze ervaring in zijn bediening (zie 1 Kor. 16:9) en HIJ is het ook die deze “deur van Jezus” in Kolossenzen 4 vers 3 noemt: “de deur van het Woord”. Hieruit kunnen wij opmaken, dat de ‘Spade Regen opwekking’ begint als DOOR GOD AANGESTELDE PREDIKERS beginnen te spreken en te openbaren “de verborgenheid van Christus”. Waarlijk, als de “ruiter op het witte paard” (zie Openb. 6:2)[3] tot zijn machtigste en heerlijkste manifestatie komt, zal wederom en nu als nooit tevoren de “boog” (d.i. het Woord van God) zijn instrument zijn! De opwekking begint namelijk met WOORD-openbaring (d.i. het openbaar worden van Gods WOORD, waardoor velen het juiste, van God gegeven inzicht zullen ontvangen – AK). De getrouwe christenen, de “overwinnaars”, zullen “eten van het Manna dat verborgen is/was” (zie Openb. 2:17).
Zoals wij (in een vorig hoofdstuk) al aangetoond hebben, breekt de Spade Regentijd aan NA de opening van het zesde zegel. Zes van de zeven zegels van het – voorheen verzegelde – Boek (met daarin het Woord van God) zullen in die tijd dus reeds verbroken/geopend zijn. Het is in die dagen dan ook wel te verwachten – wanneer de tijd als het ware “voortsnelt” naar de opening van het zevende en laatste zegel – dat het opengaan van dit Woord (van God) geen gebeuren in het verborgen meer zal zijn (hoewel het voor de ongehoorzame en trage/lauwe christenen verborgen zal BLIJVEN). Bovendien zal er sprake zijn van een “tempoversnelling”. Het gestage, langzaamaan, opengaan van het Woord (d.i. het opengaan van alle zeven zegels, volgens ons begonnen rond ± 1900 met de opening van het eerste zegel) zal, wanneer het scheuren van het laatste zegel ophanden is, overgaan in en zich versnellen tot een ware “explosie van heilige kennis” (wat voor de Bruidsgemeente uiteindelijk het intreden van de staat van VOLMAAKTHEID ten gevolge zal hebben). De verstandigen (SV: de leraars) zullen blinken…” (zie Dan. 12:3)!

Toch gaat aan deze (Goddelijke) Woordopenbaring nog iets vooraf. Openbaring 3 vers 8 leert ons dat Jezus “een geopende deur” aangaande Zijn Woord geeft, omdat de Filadelfia-Gemeente “kleine kracht” heeft en “Zijn Woord BEWAARD”. Om met het laatste te beginnen, “Gods Woord bewaren” is altijd HET kenmerk van getrouwheid. Welk een stimulans ontvangen wij hier om in dit “bewaren” te volharden! “Kleine kracht” is GELOOFS-kracht (zie mijn artikel: “Geprofeteerde vernieuwing van het geloof”[4]). Bestudeer Mattheüs 17 vers 20 in samenhang met Mattheüs 13 vers 32a. Een krachtige vernieuwing van het geloof en een getrouw “bewaren van Gods Woord” – dit laatste zal reeds gedurende een lange tijd van tevoren door de getrouwe christenen beoefend zijn; de geloofsvernieuwing zal mede voortkomen uit dit “bewaren” – vormen het eigenlijke begin van de grote toekomstige opwekking! Kolossenzen 4 vers 3 geeft verder aan – en dit wordt bevestigd door Openbaring 5 vers 8 – dat aan de geopende deur van het Woord ook altijd gebedsactie voorafgaat (zie hiervoor ook nog mijn artikel: “Het teruggevonden Boek”[5]). De getrouwe christenen zullen reeds gedurende een lange tijd om de opwekking gebeden hebben.

Als de opwekking eenmaal is begonnen, is de volgende ontwikkeling, dat een krachtige, jaloersmakende en heiligende invloed uitgaat van deze getrouwe Gemeente op de lauwe en wereldsgezinde gelovigen van de Laodicea-Gemeente[6]. Dan breekt de tijd aan, dat verkrijgbaar zijn:
• het “goud” (de wezenlijke geestelijke rijkdom),
• de “witte klederen” (de staat van reinheid en heiligheid) en
• de “ogenzalf” (het geestelijk inzicht en geestelijk onderscheidingsvermogen; ZONDER “ogenzalf” GEEN Woordopenbaring!) van Openbaring 3 vers 18.
Een gedeelte van de lauwe christenen zal zich dan alsnog bekeren en zodoende toegevoegd worden aan de uiteindelijke Bruidsgemeente (de “overwinnaars” van Laodicea – volgens Openb. 3:21). De overgrote meerderheid van de “lauwe christenen” zal zich echter pas van haar geestelijk tekort bewust worden, wanneer het te laat is (zie Matth. 25:8-12).

Daarna zal de opwekking zich gaan uitbreiden en zal het de aandacht gaan trekken van heel de wereld. Met een kracht – overtuigingskracht, maar ook ANDERE geestelijke kracht, waardoor vele wonderen en tekenen zullen geschieden – en een autoriteit als nooit eerder gekend, zal het “Evangelie van het Koninkrijk (van God) gepredikt worden onder alle volkeren (zie Matth. 24:14). Op deze tijd heeft Openbaring 22 vers 17 betrekking:
“En de Geest en de bruid zeggen: Kom! En laat hij die het hoort, zeggen: Kom! En laat hij die dorst heeft, komen; en laat hij die wil, het Water des levens nemen, voor niets.”
Het is de sluitingstijd van ‘de tijdsbedeling van de genade’[7] (d.i. het tijdperk van de Gemeente en van de Heilige Geest – van in totaal 2000 jaar). Door de volle INWONING van de Heilige Geest zal van de Bruidsgemeente een grote WERVINGSKRACHT uitgaan. De uitnodiging “Kom” (uit Openb. 22:17) zal door steeds meer mensen overgenomen worden en vele dorstige zielen zullen komen om te drinken van ‘het levende water van Gods Geest’ (zie o.a. Joh. 4:10-14, 7:38-39 en Openb. 22:17), die in die dagen overvloedig zullen vloeien, en gebruik maken van de laatste gelegenheid om zich te bekeren (lees Spr. 1:20-23).

Het meest wezenlijke van de ‘Spade Regen opwekking’ zal zijn: een KRACHTDADIGE UITSTORTING van de Heilige Geest, zoals wij kunnen lezen in Joël 2 vers 28-32:
“Daarna zal het geschieden dat Ik Mijn Geest zal UITSTORTEN op alle vlees: uw zonen en uw dochters zullen profeteren, uw ouderen zullen dromen dromen, uw jongemannen zullen visioenen zien. Ja, zelfs op de dienaren en op de dienaressen (SV: de dienstknechten en dienstmaagden, namelijk op de ‘minsten’ in de Gemeente) zal Ik in die dagen Mijn Geest UITSTORTEN. Ik zal wondertekenen geven aan de hemel en op de aarde: bloed en vuur en rookzuilen. De zon zal veranderd worden in duisternis en de maan in bloed, voor die grote en ontzagwekkende dag van de HERE komt. Het zal geschieden dat ieder die de Naam van de HERE zal aanroepen, behouden zal worden. Want op de berg Sion en in Jeruzalem zal ontkoming zijn, zoals de HERE gezegd heeft, namelijk bij hen die ontkomen zijn, die de HERE roepen zal.” (HSV)
Zoals Joël 2 vers 32 al doet vermoeden, zal er dan nog een “grote oogst” van zielen worden binnengehaald (want NA de spade of late regens[8] volgt, net als in de natuur, de OOGSTTIJD!) Zoals wij ook kunnen lezen in Jakobus 5 vers 7:
“Wees daarom geduldig, broeders, tot de komst van de Here. Zie, de landbouwer verwacht de kostbare vrucht van het land, en heeft daarbij geduld, totdat het de vroege en late (SV: spade) regen zal hebben ontvangen.” (HSV)
Zelf VOL zijnde van het Woord (van God), zal de Gemeente met ruime hand aan de hongerige zielen kunnen uitdelen.

KLIK HIER als u deze studie - die te lang is voor op het weblog - verder wilt lezen.

H. Siliakus

[1] De Spade (of Late) Regen = Het beeld van de uitstorting van de Heilige Geest in de eindtijd – zie Joël 2:23b en 28-29. Terwijl de zgn. Vroege Regen het beeld is van de uitstorting van de Heilige Geest op de Pinksterdag (zie Handelingen, hoofdstuk 2, vooral de verzen 1-4).
• Zie eventueel – op onze website
http://www.eindtijdbode.nl/ – de studie: “De uiteindelijke, Goddelijke HEERLIJKHEID van de ware Gemeente/Kerk van de Here Jezus Christus in de eindtijd, die is GROTER dan die van de eerste Gemeente/ Kerk”.
[2] Zie de studie “
Tot welke Gemeente behoren wij?”, op ons Weblog van 24 januari 2010.
[3] Zie eventueel – op onze website
http://www.eindtijdbode.nl/ – de studie: “Een ANDER geluid – Wie is de ruiter op het WITTE paard uit Openbaring 6?”.
[4] Uit het blad ‘de Tempelbode’ van oktober 1981. Op aanvraag te verkrijgen via
info@eindtijdbode.nl
[5] Uit het blad ‘de Tempelbode’ van mei 1982. Zie de studie “
Het teruggevonden Boek” op ons Weblog van 24 juli 2009.
[6] Zie noot 2.
[7] De (tijds)bedeling van de genade = De periode die de verhouding tussen God en mens NA Christus’ (1ste) komst aangeeft.
[8] Zie noot 1.

zaterdag 23 januari 2010

Boekbespreking 1: God gaat in de eindtijd de Gemeente/Kerk en de wereld schudden



Een Bijbelstudie van Bijbelleraar E. v.d. Worm[1],
uitgegeven door “uitgeverij De Eindtijdbode”.


Waarom gaat de Here de naties schudden?
De Here gaat al de naties in de eindtijd, vlak voor Zijn wederkomst, schudden, omdat de ongerechtigheid onder de naties zich heeft vermenigvuldigd en zich verder gaat vermenigvuldigen.
“En omdat de wetsverachting (d.i. de ongerechtigheid) toeneemt, zal de liefde van de meesten verkillen.” (Matth. 24:12)
“En gelijk het geschiedde in de dagen van Noach, zo zal het ook zijn in de dagen (van de wederkomst) van de Zoon des mensen: zij aten, zij dronken, zij huwden, en zij werden ten huwelijk genomen (men geeft prioriteit aan het aardse) tot op de dag, waarop Noach in de ark ging en de zondvloed kwam en ALLEN verdelgde. Op dezelfde wijze als het geschiedde in de dagen van Lot: zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden. Maar op de dag, waarop Lot uit Sodom ging, regende vuur en zwavel van de hemel en verdelgde hen allen.” (Luk. 17:26-29)
“Toen de Here zag, dat de boosheid van de mensen groot was op de aarde en al wat de overleggingen van zijn hart voortbrachten te allen tijde boos was, berouwde het de Here, dat Hij de mens op de aarde gemaakt had, en het smartte Hem in zijn hart. En de Here zei: Ik zal de mensen, die Ik geschapen heb, van de aardbodem UITROEIEN, de mensen zowel als het vee en het kruipend gedierte en het gevogelte des hemels, want het berouwt Mij, dat Ik hen gemaakt heb. Maar Noach vond genade in de ogen van de Here.” (Gen. 6:5-8)
De Here God brengt dus in de eindtijd Zijn oordelen over de aarde om haar bewoners tot bekering te brengen.
“Wanneer uw gerichten (of: oordelen) op de aarde zijn, leren de inwoners der wereld gerechtigheid.” (Jes 26:9b)
“Nabij is de grote dag des Heren, nabij en hij nadert haastig. Hoort, de dag des Heren; bitter schreeuwt dan de held. Die dag is een dag van verbolgenheid, een dag van benauwdheid en van angst, een dag van vernieling en van vernietiging, een dag van duisternis en van donkerheid, een dag van wolken en van dikke duisternis, een dag van bazuingeschal en van krijgsgeschreeuw tegen de versterkte steden en tegen de hoge hoektorens. Dan zal Ik de mensen benauwen, zodat zij gaan als blinden, want zij hebben tegen de Here gezondigd, en hun bloed zal worden uitgestort als stof en hun ingewand als drek. Noch hun zilver, noch hun goud zal hen kunnen redden op de dag van de verbolgenheid des Heren. Door het vuur van Zijn naijver zal de ganse aarde verteerd worden, want vernietiging, ja, een verschrikkelijk einde zal Hij alle inwoners der aarde bereiden.” (Zef. 1:14-18)
“Komt tot uzelf, ja, komt tot inkeer, gij schaamteloos volk, voordat het besluit tot uitvoering komt (als kaf gaat een dag voorbij) voordat over u komt de brandende toorn des Heren, voordat over u komt de dag van de toorn des Heren. Zoekt de Here, alle ootmoedigen des lands, gij die zijn verordening volbrengt; zoekt gerechtigheid, zoekt ootmoed; misschien zult gij geborgen worden op de dag van de toorn des Heren.” (Zef. 2:1-3)
Hij wil namelijk vóór Zijn wederkomst nog een grote zielenoogst van ontelbare zielen in Zijn hemels Koninkrijk brengen.
“Daarna zag ik, en zie, een grote schare, die niemand tellen kon, uit alle volk en stammen en natiën en talen stonden voor de troon en voor het Lam, bekleed met witte gewaden en met palmtakken in hun handen.” (Openb. 7:9)
Ook Paulus profeteerde van deze Goddelijke schudding in de eindtijd.
“Maar over de tijden en gelegenheden, broeders, is het niet nodig, dat u geschreven wordt: immers, gij weet zelf zeer goed, dat de dag des Heren zo komt, als een dief in de nacht. Terwijl zij zeggen: het is alles vrede en rust, overkomt hun, als de weeën een zwangere vrouw, een PLOTSELING verderf, en zij zullen geenszins ontkomen.” (1 Thess. 5:1-3)
Hij spreekt van een PLOTSELING verderf, dat over de wereld komt, dat de wereld zal ervaren als de weeën van een zwangere vrouw. Weeën van een zwangere vrouw, als haar tijd van baren gekomen is, geschieden plotseling, in steeds toenemende mate en met steeds snellere opeenvolging.
Mijns inziens is deze schudding door de Heer van de naties al begonnen.

Tot zover de “Boekbespreking”. Als u deze studie wilt lezen, KLIK HIER.

A. Klein


NOOT:
De aardbeving in Haïti (van 1,5 week geleden) had een kracht van ruim 7 op de schaal van Richter. Het is opmerkelijk dat het aantal zware aardbevingen toeneemt. Een week eerder werden de Salomons Eilanden getroffen door een beving met een kracht van 6,2.


[1] Als u iets meer wilt weten over deze Bijbelleraar, zie dan het artikel op ons Weblog van 23-10-2009, klik hier.